Opluchting over Macron

De eerste ronde van de Franse presidentsverkiezingen heeft geleid tot grote opluchting. De progressief-liberale en pro-Europese kandidaat Emmanuel Macron wist FNL-leidster Marine Le Pen enkele procenten voor te blijven. Eerste opiniepeilingen voorspelden bovendien in de tweede ronde een ruime overwinning voor Macron. In Brussel slaakten de prominenten van de Europese Unie een zucht van verlichting. Dat was ook het geval in andere Europese hoofdsteden, zoals Berlijn.
  Toch lijkt alle opluchting enigszins voorbarig. Nog even afgezien van de vraag of Macron het echt zo makkelijk zal krijgen in de tweede ronde, staat de nieuwe Franse president voor een enorme opgave. Macron heeft aangekondigd de Franse economie uit het slop te zullen halen. Maar dat moet vooral gebeuren door neoliberale maatregelen.
  Dus moeten de regels voor het bedrijfsleven worden versoepeld (‘deregulering’). De lonen moeten omlaag, zo ook de belastingen voor ondernemingen. Het arbeidsrecht moet worden versoepeld, zodat werknemers minder bescherming genieten. Er moet drastisch worden bezuinigd op de overheidsuitgaven (tienduizenden ontslagen als gevolg). De pensioenen moeten worden genivelleerd en verlaagd. Tenslotte is Macron een fervent pleitbezorger van handelsliberalisering en open grenzen. Protectionisme heeft geen zin. Het proces van Europese integratie moet nieuw leven in worden geblazen.
  Natuurlijk probeert Macron de sociale pijn die dat alles zal veroorzaken ook te verzachten, door verbetering van het onderwijs, bijscholingsmogelijkheden. Maar zijn plannen, en de ondubbelzinnige keuze voor verdere liberalisering en globalisering, dreigen de tweedeling tussen winnaars en verliezers in de Franse samenleving alleen maar te vergroten.
   Nu wordt de soep naar alle waarschijnlijkheid niet zo heet gegeten. Als Macron de presidentsverkiezingen wint, beschikt hij nog niet over een werkzame meerderheid in het Franse parlement. Belangrijker nog: de onvrede over de sociale gevolgen van Macrons beleidsplannen kan snel om zich heen grijpen. Daar weet de voormalige Italiaanse premier Matteo Renzi – wiens plannen veel overeenkomsten vertoonden met die van Macron – alles van.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Chaos in Washington

De eerste twee maanden van Trump’s presidentschap werden gekenmerkt door incompetentie en chaos (nog veel meer dan ik had gedacht). Het had er alle schijn van dat de president nauwelijks in staat was leiding te geven aan zijn regering. Bij verschillende gelegenheden spraken ministers en andere functionarissen hun president tegen. Dat was onder meer het geval toen vicepresident Pence eind februari een bezoek bracht aan de internationale veiligheidsconferentie die toen in München plaatsvond. Hij deed bij die gelegenheid uitspraken die lijnrecht ingingen tegen eerdere uitlatingen van zijn president. In dit geval ging het over de betekenis van de NAVO voor de Amerikaanse buitenlandse politiek.
  Trump heeft zijn kiezers beloofd Amerika weer ‘great’ te zullen maken. Dat zal een loze belofte blijken te zijn. Het is ook geen eenvoudige opgave. Trumps verkiezing was vooral een teken, en gevolg, van de verzwakking van de VS. Van de verzwakking van de Amerikaanse industrie (en bijbehorende werkloosheid en malaise), van het teruglopende Amerikaanse aandeel in de wereldhandel. Maar ook van de desastreuze militaire avonturen van de afgelopen vijftien jaar. Van het verlies aan Amerikaans internationaal gezag. En van alle frustratie die daarvan ook in Amerika zelf het gevolg waren.
  Maar de eerste twee maanden van Trumps presidentschap beloven niet veel goeds voor de slachtoffers van de economische en politieke ellende die al jaren in delen van de Verenigde Staten heersen. In de afgelopen drie decennia zijn de Amerikaanse laagstbetaalden er al ernstig op achteruit gegaan. Dat wordt naar alle waarschijnlijkheid alleen maar erger. Trump heeft aangegeven de belastingen voor de hoge inkomens te zullen verlagen. En natuurlijk: ook minder regels, minder belastingen voor bedrijven. Het minimumloon daarentegen moet juist omlaag. Er zal bovendien zwaar worden gesneden in verschillende sociale voorzieningen.
  Toch zal de industrie zal naar naar de gehavende delen van de Verenigde Staten terugkeren. En ook zal Amerika niet opnieuw ‘great’ worden. De onrust en besluiteloosheid die in Washington heersen geven de rivalen van de Verenigde Staten vooralsnog juist de wind in de zeilen. Ook in Europa neemt het vertrouwen in de Amerikaanse leiding af. Vele Europese politici pleiten voor een meer van de Verenigde Staten onafhankelijke koers. Op deze wijze versnelt de regering-Trump het proces van Amerikaanse teloorgang. Daar zal het drastisch opschroeven van de defensiebegroting niet veel aan afdoen.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Defensie-uitgaven vergeleken

Voor een klein onderzoekje wilde ik de defensie-uitgaven van enkele landen met elkaar vergelijken. Dat is een interessante exercitie. De cijfers zijn toch vaak anders dan je zou veronderstellen. Wat bijvoorbeeld te denken van Iran. In 2015 was de defensiebegroting van Iran, dat zo vaak als gevaarlijk en agressief wordt voorgesteld, iets meer dan 10 miljard dollar. De Iraanse defensie-uitgaven waren bovendien in de voorafgaande 10 jaar met ongeveer 30 procent afgenomen. Iets meer dan tien miljard dollar! Dat is nauwelijks meer dan de defensiebegroting van Nederland. Die bedroeg in 2015 een kleine 10 miljard (in dollars omgerekend).
  Natuurlijk kan er altijd van alles worden afgedongen op dergelijke gegevens. Maar ik baseer me toch op gezaghebbende instellingen als het Zweedse SIPRI, alsmede op cijfers van de NAVO zelf. En ik vergelijk steeds de uitkomsten van het begrotingsjaar 2015, omdat de cijfers voor 2016 nog niet altijd beschikbaar zijn.
  Laten we nog eens verder kijken. Er is de laatste tijd veel te doen over hernieuwde Russische dreiging. De Russische defensiebegroting voor 2015 bedroeg ongeveer 65 miljard. Dat is natuurlijk een enorm bedrag. Maar de defensie-uitgaven van het Verenigd Koninkrijk liepen in 2015 op tot zo’n 55 miljard; die van Frankrijk tot ongeveer 50 miljard. De Fransen en de Britten gaven dus gezamenlijk aanzienlijk meer uit aan defensie dan de Russen.
  De militaire uitgaven van alle EU-landen gezamenlijk liepen in 2015 op tot ongeveer 200 miljard dollar. Dat is erg veel. Daarmee wil ik niet zeggen dat er geen oplopende Russische pressie kan worden waargenomen. Bovendien beschikt Rusland over kernwapens. Maar het is niettemin een ontnuchterende vaststelling dat de EU-landen drie keer zoveel uitgeven aan defensie als Rusland. (Het probleem van de EU-landen is hun verdeeldheid.)
  Wie zijn de big spenders? Dat was uiteraard in de eerste plaats de Verenigde Staten met zo’n 600 miljard dollar, evenveel als de acht daarop volgende staten bij elkaar. Opvallend zijn vooral de snel stijgende uitgaven van de Volksrepubliek China. Dat land staat op de wereldranglijst inmiddels op de tweede plaats (in 2015 zo’n 150 miljard, meer dan twee keer zoveel als Rusland). Saoedi-Arabië staat volgens sommige lijsten al op de derde plaats. De Saoedi-Arabische militaire uitgaven verdubbelden in de afgelopen tien jaar naar zo’n 85 miljard, bijna tien keer zoveel als de defensiebegroting van het zo gevreesde Iran.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen